Op één van de eilandjes uit de Maanschaduw-groep in de Zee der Zwaarden ontmoette
mensenman Thorbald in het woud elfenvrouw Oriane.
Toen hij met haar sprak, raakte hij onder de indruk van haar wijsheid en onder de bekoring van haar schoonheid. Oriane liet zich overhalen om ook in het mensendorp haar spirituele troost en verdieping te bieden. De godin die ze diende, kenden de mensen niet, maar Oriane herkende haar in de Aardmoeder die de dorpelingen aanbaden.
In de daaropvolgende jaren werd ze met haar genezende magie en intuïtieve aanvoelen voor hen als hogepriesteres de verbinding met de Aardmoeder. Niet veel later werd de liefde tussen Oriane en Thorbald door de Aardmoeder met een kind gezegend.
Toen haar tijd om geboren te worden was gekomen, trok de hogepriesteres zich terug onder de boom waar ze bij voorkeur communiceerde met de Godin. De takken ruisten zachtjes terwijl het kind ter wereld kwam en zongen een sussend lied voor de barende elfenvrouw. Toen Oriane haar prachtige, zwartharige dochtertje zag, besloot ze haar te noemen naar de boom die hen liefdevol beschut had: Leanna, ‘sierlijke wilg’.
Toen hij met haar sprak, raakte hij onder de indruk van haar wijsheid en onder de bekoring van haar schoonheid. Oriane liet zich overhalen om ook in het mensendorp haar spirituele troost en verdieping te bieden. De godin die ze diende, kenden de mensen niet, maar Oriane herkende haar in de Aardmoeder die de dorpelingen aanbaden.
In de daaropvolgende jaren werd ze met haar genezende magie en intuïtieve aanvoelen voor hen als hogepriesteres de verbinding met de Aardmoeder. Niet veel later werd de liefde tussen Oriane en Thorbald door de Aardmoeder met een kind gezegend.
Toen haar tijd om geboren te worden was gekomen, trok de hogepriesteres zich terug onder de boom waar ze bij voorkeur communiceerde met de Godin. De takken ruisten zachtjes terwijl het kind ter wereld kwam en zongen een sussend lied voor de barende elfenvrouw. Toen Oriane haar prachtige, zwartharige dochtertje zag, besloot ze haar te noemen naar de boom die hen liefdevol beschut had: Leanna, ‘sierlijke wilg’.
Leanna groeide op onder de hoede van haar wijze maar wilde
moeder. Vaak aanhoorde ze samen met haar moeder de problemen van de dorpelingen
en suste ze ruzies, geestelijke nood en fysieke pijn. Maar soms werd ze ineens
meegesleept op een onverwachte tocht door het ongerepte woud. Ze zochten er de
elfen op, het volk van Leanna’s moeder. Leanna leerde de gelijkenissen en
verschillen tussen de twee rassen kennen. Tijdens de dagen en nachten in de
bossen ontwikkelde ze ook een diepe band met de natuur en de Goddelijke Moeder
die ze daarin voelde. Als kind ontdekte ze dat zodra ze haar hand op de stam
van een wilg legde en ze haar bewustzijn ermee verbond, er een magische kracht
in haar opwelde: planten bewogen op haar bevel en vuurbloemen bloeiden in haar
handpalm. In haar puberteit besefte ze dat ze niet langer afhankelijk was van
de wilg – haar magie werd een trouwe metgezel. Toch zou ze altijd een
bijzondere band met haar gewortelde naamgenoten blijven voelen.
Leanna kreeg toen ze ouder werd steeds meer
verantwoordelijkheden op haar bord, naarmate haar moeder steeds vaker alleen op
één van haar tochten verdween. Het meisje vond het niet altijd even makkelijk,
maar volbracht plichtsgetrouw haar taken en wendde haar magie aan om nood te
lenigen waar ze kon. En toen kwam de dag dat Oriane niet meer terugkeerde…
dagen en weken verstreken, tot ze moesten aannemen dat ze ook niet meer zou
terugkeren. Thorbalds verdriet was groot, maar hij maakte zich nog meer zorgen
over zijn dochter: Leanna trok zich terug in zichzelf. Ze had altijd levendige
dromen gehad, maar nu schreeuwde ze in haar nachtmerries. Overdag zwierf ze
uren door het woud, op zoek naar een heiligdom van de Aardmoeder dat in haar
dromen ontheiligd en ontwijd was.
Uiteindelijk besloot Thorbald haar mee te nemen op een reis,
weg van het eiland. Net op het moment dat hij haar dit voorstel deed, vloog een
krijsende zeemeeuw boven hun hoofden richting de zee. Leanna stemde meteen met
het plan in: dit was duidelijk de wil van de Godin. Zodra het schip was
vertrokken, voelde ze zich beter. Weg van de dorpelingen kwam ze tot rust. Ze
werd nieuwsgierig naar de nieuwe oorden die ze zouden bezoeken. En in haar
binnenste voelde ze het trekken van het visioen in haar dromen: ergens was een
heiligdom dat haar kracht nodig had om gezuiverd en heel te worden.
Toen kwam de storm. Een donkere lucht pakte zich razendsnel
samen en de golven stegen binnen een mum van tijd tot onmogelijke hoogtes. Het
schip kraakte en jammerde onder de druk van wind en water. Toen het in stukken
brak, klampte Leanna zich aan haar vader vast, maar in de maalstroom werden ze
van elkaar gescheiden.
Toen de lucht opklaarde, bevond Leanna zich alleen op zee,
zich vastklampend aan een stuk wrakhout. Thorbald was nergens te bekennen. De
situatie kon er niet slechter uitzien… en toch voelde ze zich innerlijk kalm.
In het midden van de storm had ze een liefdevolle hand gevoeld, die haar
beschutte voor de scherpste rukwinden en haar zachtjes naar de kust leek te
duwen.
Een zware stem klonk vanop het nabije strand. Vermoeid keek
Leanne op. Haar vader? Maar het was niet haar lange, elegante vader, maar een
stevig gebouwde, korte gestalte met woeste baard die het water indook en haar
naar de kant trok. Samen zochten ze lange tijd vruchteloos het strand af tot de
dwerg zijn hoofd schudde: hier zouden ze niks meer vinden. Misschien was Thorbald
al op eigen houtje naar de stad gestrompeld? Leanna hoorde een zwerm vogels
boven haar hoofd cirkelen. Zodra ze opkeek, vlogen ze richting het binnenland.
Ze aanvaardde het teken van de Aardmoeder en trok naar Nimmerwinter.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten