Luatha-Eimh

Halfling Luatha-Eimh is opgegroeid in de grote stad Nimmerwinter, waar een warme golfstroom ervoor zorgt dat er zelfs midden in de meest barre seizoenen nooit sneeuw valt. De Nimmerwinter-rivier wordt immers verwarmd door vuur-elementalen in het gebergte waar ze ontspringt.

Luatha-Eimh is opgegroeid in een hechte halfling-gemeenschap, als deel van een groot gezin. Haar ouders hadden niet zo heel veel tijd voor haar, dus ze merkten pas laat dat jonge Luatha-Eimh op het verkeerde pad aan het raken was. Ze hing rond met een stelletje diefachtige jongeren en werd hoe langer hoe brutaler. Uiteindelijk besloot haar moeder om tot maatregelen over te gaan: ze stuurde Luatha-Eimh naar haar tante Qellina Elsblad op het platteland.

Qellina heeft enige jaren geleden deelgenomen aan de herbevolking van een ooit ontvolkt gebied. Op de ruïnes van een oudere nederzetting hebben verschillende pioniers zich verzameld en het dorp Phandalin gesticht. Qellina zette er een boerderij op.

Luatha-Eimh vond het maar niks dat ze zomaar werd weggerukt uit haar vertrouwde omgeving en van bij haar vrienden. Eenmaal in Phandalin verzette ze zich er dan ook met hand en tand tegen om ingeschakeld te worden bij het wieden van onkruid en schoonmaken van stallen. Ze ging ervandoor wanneer ze maar kon en kwam uiteindelijk in contact met heuse bandieten: de Roodmerk-bende, die min of meer de dienst uitmaakte in Phandalin. 

Rebelse Luatha-Eimh was nu pas echt op het dievenpad: ze nam deel aan diverse overvallen en verdiende er lekker aan. Qellina behandelde haar echter met veel geduld en bood haar, de enkele keren dat ze nog kwam aanwaaien, telkens een vriendelijk welkom, een dak boven haar hoofd én een goede maaltijd. Luatha-Eimh ontwikkelde een warm plekje voor deze hardwerkende boerin en stopte haar af en toe wat van haar verdiensten toe. Het leven leek er goed uit te zien voor deze jonge halfling.

Maar toen… zonder het te beseffen had Luatha-Eimh kennelijk een vijand gemaakt in de Roodmerk-bende, want onverhoeds werd er door de leider van de bende – tovenaar Glasstaf – een prijs op haar hoofd gezet. Ze ontsnapte maar op het nippertje aan een moordaanslag en nam de benen. Helaas moest ze daarbij het grootste deel van haar veroverde buit achterlaten. Luatha-Eimh vluchtte naar de enige andere bekende plek die ze had: terug naar Nimmerwinter, de stad waar ze vandaan kwam.

Ze zint op wraak: ze moet en zal achterhalen wie haar heeft zwartgemaakt. Na enig speuren heeft ze de naam Halia Doornik opgeduikeld: een vrouw die ook nog een appeltje te schillen heeft met de Roodmerk-bende. Wie weet kunnen ze hun krachten bundelen? Maar dan moet Luatha-Eimh dus wel terug naar Phandalin, waar nog steeds een prijs op haar hoofd staat… Voorlopig neemt ze dus maar enkele andere klussen aan, om wat nieuwe fondsen te verzamelen. Maar ooit komt de dag dat de Roodmerken ter verantwoording worden geroepen door een boze halfling!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten